vrijdag 17 februari 2012
Mensen gaven tijdenlang hun persoonlijke informatie weg terwijl bedrijven hier geld aan verdienden. Er lijkt een keerpunt te zijn bereikt; het individu is zich bewust van deze verdienmodellen en wil hier zeggenschap over. Een aantal beginnende bedrijven spelen hierop in. Ze bieden het individu overzicht en controle over de sporen die ze online achterlaten.
De krant New York Times besteedde afgelopen weekend aandacht aan een aantal van deze bedrijven. Bij een grote groep hiervan staat de 'personal data locker' centraal. Bij dit principe krijgt het individu een account waarin hij zijn persoonlijke gegevens bewaart. Volgens deze bedrijven wil het individu waar voor zijn data. Bedrijven willen betalen voor deze informatie omdat het ze de mogelijkheid biedt om aanbiedingen op maat te geven. En het individu? Die stelt volgens deze start-ups zelf zijn prijzen vast in zijn 'winkeltje' met data.
Qiy gaat ervan uit dat de meeste mensen helemaal niet geïnteresseerd zijn in de verkoop van hun eigen data. Voor Qiy bestaat het keerpunt er uit dat het individu controle en overzicht krijgt over zijn eigen gegevens. Aansluitend daaraan is inzicht mogelijk in de eigen situatie met de hulp van Apps die redeneren over de data.
Daarmee is privacy een setting geworden: jij bepaalt wie welke informatie van jou mag zien. Of kopen.
Bedrijven willen in contact komen met individuen en hen zoveel mogelijk verkopen. Daarvoor willen ze zoveel mogelijk weten van de klant. Met Qiy hoeven bedrijven niet alle data te hebben om de klant goed te kunnen bedienen. Qiy biedt daarvoor de mogelijkheden, waarbij bedrijven Apps kunnen aanbieden die -met respect voor de privacy van de klant- mogen redeneren over de rijke dataset van de klant.
Voor het artikel uit de New York Times, klik hier
























